Neophemadag van gespreksgroep Overijssel

28 mei 2016 Ging de Neophemadag van gespreksgroep Overijssel van om iets na 13:00 uur van start. Naar deze zeer geslaagde dag waren een kleine 40 liefhebbers op afgekomen. Deze werden getrakteerd op een presentatie van vogelarts Oranje, deze vogelarts die zijn praktijk “vogelziekenhuis” in Zelhem runt.

Oranjebuik parkieten, zeldzame schoonheid

Tekst en foto’s: Martin Hoogerwaard 

Voorwoord 

De Oranje-buik Parkiet is een Australisch icoon in termen van nationale instandhoudingsmaatregelen en inspanningen voor  zeer bedreigde inheemse soorten.  

De Australische regering werkt nauw samen met vier staten om tot een duurzame ontwikkeling te komen en de natuurlijke omgeving van de kleine populatie van de oranjebuik parkieten voor uitsterven te behoeden. De oranjebuik parkieten is met een dergelijk kleine populatie erg gevoelig voor veranderingen in zijn leefomgeving. Alles is er nu op gericht dat zowel in de broedtijd als op de trekroute er geen negatieve veranderingen plaats vinden. Er vind hiervoor een nauwe samenwerking plaats tussen de planners en degene in het veld die verantwoordelijk zijn voor de oranjebuik parkieten.  Inmiddels zijn diverse overheden, natuurbeschermingsorganisaties en diverse particulieren al ruim 30 jaar bezig om de oranjebuik parkieten van de ondergang te redden. Op dit moment is de ontwikkeling van de kuststreek van zuid Australië zorgelijk voor o.a. de oranjebuik parkieten. De ontwikkeling van diverse windmolenparken op zee terwijl niemand weet wat de invloed daarvan is op trekvogels zoals de oranjebuik parkieten. 

 Inleiding

Voor de oranjebuik parkieten zijn de afgelopen decennia al verschillende herstelplannen gemaakt. Dit alles om de soort instant te houden en voor uitsterven te beschermen. Tot 1920 was de oranjebuik parkieten een algemeen voorkomende soort. Met name de komst van immigranten heeft de natuurlijke leefomgeving drastisch veranderd sinds het begin van de 20e eeuw. Sinds 1920 wordt er ook al melding gemaakt dat de soort achteruit gaat. Met name de landbouw en verstedelijking van zijn natuurlijke leefomgeving is hier debet aan. De oranjebuik parkieten heeft oorspronkelijk een betrekkelijk klein leefgebied waar hij in de winter voorkomt. Het broedgebied op het eiland Tasmanië is ook minder geworden. Tijdens de trek van het vaste land naar hun broedgebieden op Tasmanië maken ze een tussenstop op het eiland …. Ook in het najaar nemen ze de zelfde route maar zijn de weersomstandigheden vaak slechter en overleven een aantal vogels de oversteek naar het vaste land niet.  Ondanks alle herstelplannen neemt de populatie in het wild nog steeds af en is het de vraag hoelang we nog  wilde oranjebuik parkieten kunnen waarnemen en we alleen nog in gevangenschap gekweekte exemplaren kunnen bewonderen.

Leefgebied

De Oranje-buik Parkiet is endemisch in Zuid-Oost-Australië. Vroeger kwamen ze in de winter in een brede strook langs de kust van Adelaide tot bijna aan Sidney voor. In de zomer waren ze overal in het  westen en zuiden op Tasmanië te vinden waar hun broedgebieden waren.

Tegenwoordig worden ze in de winter alleen nog in een klein gebied westelijk van Melbourne tot aan de Murray rivier gezien en op Tasmanië broeden ze alleen nog in het zuid westen in de buurt van Melaleuca. 

Habitat van cruciaal belang voor het voortbestaan van de soort 

Kwelders, duinen, graslanden, struwelen, eilanden, stranden en heidevelden, de meeste 

binnen tien kilometer van de kust, vormen de belangrijkste leefgebieden voor de oranjebuik parkieten. In hun broedgebieden zijn eucalyptus bomen van belang waar ze in de holle takken broeden. Op dit moment wordt er hard gewerkt om alle gebieden op Tasmanië en aan de kust van het continent  in kaart te brengen waar herstel mogelijk is en geschikte vegetatie aan te planten voor de oranjebuik parkieten, En dan  zowel voedselplanten als nestgelegenheden door de aanplant van de juiste boomsoorten. Dit alles om verdere teruggang van de soort te voorkomen. In 1994 werden rond Melaleuca nog bijna 100 volwassen oranjebuik parkieten geteld. In 2012 waren het er nog 19. Nu zijn er waarschijnlijk nog wel een paar kleine populaties die elders op Tasmanië broeden want op het waarnemingsstation bij Melaleuca worden regelmatig onbekende niet geringde vogels waargenomen. Helaas is niet bekend waar deze broeden en hoeveel het er zijn? Maar aangenomen mag worden dat het elders ook achteruit gaat met de aantallen oranjebuik parkieten.

Gelukkig zijn er dit jaar wel aanzienlijk meer jongen geboren als in 2012. Er zijn dit jaar 19 jonge oranjebuik parkieten geringd in de omgeving van Melaleuca. Daarnaast zijn er nog 4 niet geringde jonge oranjebuik parkieten gezien in de directe omgeving. In 2012 waren het totaal 14 jonge oranjebuik parkieten. 

Aanvullende informatie

oranjebuik parkieten vallen uiteraard onder de internationale Cites wetgeving en staan al zolang deze bestaat op lijst 1 bij de meest bedreigde soorten. Ook worden diverse leefgebieden op zowel het vaste land van Australië als op Tasmanië beschermd door voornamelijk nationale wetgeving.  Ook de Australische marine heeft een belangrijk aandeel in de bescherming van de oranjebuik parkieten. Ze hebben een aantal militaire terreinen aan de kust  in de staat Victoria waar de oranjebuik parkieten van oudsher overwinterd. Ze zorgen er voor dat als de oranjebuik parkieten aanwezig zijn op de terreinen in de winter ze zo min mogelijk gestoord worden. Ook zorgen ze er voor dat er voldoende foerageer gebieden blijven voor de oranjebuik parkieten welke ook als zodanig worden onderhouden.  

Ook worden diverse grote land eigenaren welke vaak mijnbouw plegen in een gebied verplicht een bijdrage te leveren om de gebieden die ze beheren zodanig te onderhouden dat de oranjebuik parkieten daar zijn voedsel kan vinden. De oranjebuik parkieten is een beursgenoteerde vogel op deze manier. Grote mijnbouw bedrijven in Australië zijn allemaal beursgenoteerd en worden via die weg wettelijk verplicht hieraan mee te werken. In hun management programma moet opgenomen zijn om bedreigde diersoorten te beschermen, hoe dit te doen en hoeveel AUS$ er jaarlijks aan besteed wordt.

Ook agrarische bedrijven worden op sommige plaatsen verplicht hun vee elders onder te brengen zodat de oranjebuik parkieten zijn voedsel kan zoeken op de voor het vee aangewezen graslanden. Dit is voornamelijk in de staat Victoria waar de meeste oranjebuik parkieten overwinteren. 

Ook wordt er nog onderzoek gedaan naar de invloed van de grote vissersschepen op zee welke 

’s nachts op pijlinktvis vissen. Hiervoor worden sterke lampen op het water gericht waardoor de pijlinktvis naar de oppervlakte komen en makkelijk te vangen zijn. Mogelijk heeft deze vorm van visserij invloed op het trekgedrag van de oranjebuik parkieten en sneuvelen er tijdens de oversteek van de oceaan diverse vogels.

De laatste ontwikkelingen op het gebied van windenergie en de bouw van windmolenparken op zee en langs de kust moeten worden voorzien van milieurapportages en uitgebreide rapporten hoe de verschillende partijen een bijdrage denken te leveren aan de bescherming van de oranjebuik parkieten. Zonder goedkeuring van deze rapporten worden er geen vergunningen afgegeven voor de bouw van dergelijke windmolenparken.

Toerisme 

Vooral op Tasmanië is toerisme een belangrijk onderdeel van de bescherming van de oranjebuik parkieten. Het is mogelijk om het broedgebied en onderzoeksstation bij Melaleuca te bezoeken. Het is alleen niet zo dat er “even” naar toe gegaan kan worden. Het is eigenlijk alleen bereikbaar met een klein vliegtuigje. Per boot is eventueel ook mogelijk en zelfs lopend, maar dit zijn allemaal behoorlijke ondernemingen wat al snel enkele dagen in beslag neemt.

Toch is het belangrijk om dit te stimuleren en zo mensen bewust te laten worden van de noodzakelijke bescherming van de oranjebuik parkieten. Helaas is op Tasmanië weinig controle en gaan er regelmatig mensen op eigen gelegenheid de wildernis in op zoek naar de oranjebuik parkieten. Hierdoor wordt soms meer schade aangericht als nodig. In de staat Victoria is met hier duidelijk in, de gebieden waar de oranjebuik parkieten in de winter voorkomt zijn verboden terrein voor iedereen.

Andere mogelijkheden om de oranjebuik parkieten te zien is in de diverse dierentuinen in het zuid oosten van Australië. Bijna allemaal doen ze mee in het kweeprogramma voor het behoudt van de oranjebuik parkieten. Deel van de vogels ziet hiervoor ook achter de schermen zoals dat heet. Maar er worden altijd een aantal volières met oranjebuik parkieten voor het publiek getoond. Dit vooral om bezoekers bewust te maken van deze bijzondere soort. En uiteraard hoopt men op die manier extra sponsorgelden binnen te halen om alle projecten te financieren. 

Tasmaanse Aboriginals 

Rondom Melaleuca op Tasmanië leven ook nog Tasmaanse Aboriginals welke ook proberen hun eigen cultuur te beschermen. Hierin worden ze ook door Australische wetgeving in gesteund. Probleem hierbij is nu dat dit niet geheel samen gaat met de bescherming van het leefgebied van de oranjebuik parkieten. De Aboriginals branden bepaalde tijden van het jaar hun gronden af zodat oude droge vegetatie vernietigd wordt en er weer nieuwe vegetatie kan ontwikkelen. Helaas gebeurt dit veel in het voorjaar als de oranjebuik parkieten terug komen van hun overwinteringsgebieden en net een lange reis achter de rug hebben met de oversteek van de oceaan. Juist als ze voldoende voedsel op moeten kunnen nemen om aan te sterken voor het komende broedseizoen wordt het dan nog schaarse voedsel verbrand door de Aboriginals. Nu proberen diverse organisaties tot een overeenstemming te komen zodat beide partijen hun belangen kunnen blijven behartigen en beide beschermingsprojecten alle ruimte die nodig is te kunnen benutten. Belangrijkste hierin is dat twee belangrijke gebieden voor de oranjebuik parkieten niet meer door de Aboriginals worden afgebrand. Dit is ook in het belang van het steeds belangrijker worden ecotoerisme. Voor alle partijen levert dit de nodige inkomsten op wat volledig terug komt in de projecten. Voorlichting en educatie 

Voor de bescherming van de oranjebuik parkieten is voorlichting erg belangrijk. Dit gebeurt veel in het onderwijs, maar ook veel vrijwilligers zijn hierbij betrokken die op allerlei manieren hier hun bijdrage aan leveren. Internet is hierbij uiteraard niet meer weg te denken. Maar ook via radio en televisie wordt er regelmatig tijd besteed aan de diverse bedreigde inheemse diersoorten waar de oranjebuik parkieten er één van is.

Ook zijn er over de oranjebuik parkieten folders ontwikkeld welke op strategische plaatsen te vinden zijn overal in Australië. Maar vooral in de zuidelijke staten en Tasmanië waar de oranjebuik parkieten voorkomt.

Er worden lezingen gegeven bij natuur verenigingen, scholen en waar maar mogelijk. Inmiddels is er ook een webcamera geïnstalleerd waar liefhebbers via internet de ontwikkelingen in het nest oranjebuik parkieten kunnen volgen.  Dit broedseizoen waren er gemiddeld zo’n 300 volgers op internet te vinden. Volgend broedseizoen zal dit ongetwijfeld weer gestart worden en houden wij u er van op de hoogte.

Bekende gevaren

De oranjebuik parkieten is als kleine populatie erg kwetsbaar en men probeert alle mogelijke gevaren uit de buurt van de oranjebuik parkieten te houden. Op Tasmanië komen net als elders in Australië diverse diersoorten voor die vroeger door de Europeanen mee zijn gebracht. En vooral verwilderde huiskatten zijn hierbij het grootste probleem. Die hebben in het verleden behoorlijk aandeel gehad in het laten verdwijnen van vooral jonge oranjebuik parkieten die net uit het nest waren gevlogen. Of ook de Europese vos hier een aandeel in heeft gehad is niet duidelijk, maar dat het tot de mogelijkheden behoort is niet ondenkbaar. Ook diverse vogels als groenlingen en spreeuwen kunnen een bedreiging zijn voor de oranjebuik parkieten omdat ze de zelfde nesten willen gebruiken. Vooral de spreeuw is dan vaak als winnaar omdat deze veel brutaler en agressiever zijn als de oranjebuik parkieten. Deze strijd om nestgelegenheid wordt ook wel gevoerd met andere dieren als bijen en suikerboomeekhoorns. Het is zelfs voorgekomen dat de eekhoorns een broedende oranjebuik parkieten doodde en het nest in beslag namen. Bij een gezonde populatie is dit geen probleem en van alle tijden, maar nu het aantal oranjebuik parkieten drastisch is gedaald is elk verlies er één teveel.

Ander probleem is de groei van vooral niet inheemse grassen en kruiden in de gebieden waar de oranjebuik parkieten zijn voedsel zoekt. Uit onderzoek is gebleken dat de oranjebuik parkieten ook nauwelijks deze niet inheemse planten op zijn menu heeft staan. En waar een plant groeit die niet voor voedsel zorgt kan geen plant groeien die wel voor voedsel kan zorgen. 

Kweekprogramma

Het uiteindelijke doel is om de oranjebuik parkieten als gezonde populatie terug te krijgen in hun oorspronkelijke verspreidingsgebied. Toch moet er nog heel wat gebeuren wil het ooit zover komen.

Nadat er in de jaren ’80 van de vorige eeuw al begonnen was met het kweken van oranjebuik parkieten in gevangenschap is er is in 1993 een uitgebreid kweekprogramma opgezet dat wordt geleid vanuit Healesville Sanctuary. Aanleiding hiervoor was de uitbraak van een besmettelijk virus ziekte onder de toen gehouden oranjebuik parkieten. Andere deelnemende parken zijn o.a. Melbourne Zoo, Priam Parrot Breeding Centre, Taroona ZOO en de Adelaide Zoo. Hier zijn voor het publiek ook diverse oranjebuik parkieten te zien. Maar de meeste oranjebuik parkieten zitten in afgeschermde delen van de diverse parken om daar in alle rust jongen groot te kunnen brengen.

Uiteraard wordt er zoveel mogelijk door de oudervogels zelf groot gebracht. Maar waar nodig wordt er ingegrepen en worden de jonge vogels handmatig groot gebracht om het maximaal aantal jonge vogels te kunnen kweken. Er wordt bewust geen gebruik gemaakt van pleegouders zoals andere soorten uit de Neophema  familie. Dit alles om verkeerde inprenting van andere soorten te voorkomen.

Sinds 1993 zijn er al ruim 250 jonge oranjebuik parkieten gekweekt. Op dit moment zijn er in gevangenschap ruim 200 oranjebuik parkieten. Hierbij zitten inmiddels ook al een behoorlijk aantal  oudere vogels welke niet meer broeden. Gelukkig is het wel gelukt om de genetische diversiteit goed instant te houden en in de toekomst voor een gezonde populatie te kunnen zorgen. De bedoeling is dat er over vijf jaar tussen de 300 en 350 oranjebuik parkieten in de diverse kweekcentra zitten.  Dit verwacht men minimaal nodig te hebben om te gaan proberen vogels terug in de natuur te plaatsen. De populatie in gevangenschap moet eventuele verliezen wel op kunnen vangen. Ook door de spreiding van de populatie over de verschillende locaties in Australië is het risico als er ergens een ziekte uitbreekt erg klein dat dit het hele programma te niet gedaan zou worden. Ook in de kweekcentra zijn de populaties nog opgedeeld in kleinere groepen zodat bij een calamiteit het risico van verlies zo klein mogelijk gehouden kan worden. Er wordt één koppel in elke volière gehuisvest. Volières zijn zes meter land, twee meter breed en drie meter hoog. Alleen de voorkant is open. Dit om besmetting van wilde vogels te voorkomen. Tussen de vluchten zit fijnmazig dubbel gaas om te voorkomen dat de koppels elkaar verstoren tijdens het broedseizoen. In de vluchten is een sproei installatie aanwezig. Uiteraard om de vogels van een aangename douche te kunnen voorzien, maar ook als blus installatie bij brand. Allemaal computer gestuurd uiteraard. Achter de vluchten loopt een gang voor de verzorging van de verzorging van de vogels.  De vogels kunnen verzorgd worden zonder dat het betreden van de  volières noodzakelijk is. In de deuren zit alleen een klein raampje om de vogels te kunnen observeren. Ook het broedblok hangt aan de buitenkant van de volière is de gang. Elk broedblok is voorzien van een infrarood camera en worden allemaal tijdens het broedseizoen 24 uur in de gaten gehouden via een beeldscherm. In de wand van de volière zijn twee invlieggaten vlak boven elkaar gemaakt. Achter het tweede gat zit een transportkooi. Door het gat van het broedblok te sluiten kiezen vogels makkelijk het andere gat en kunnen op die manier makkelijk gevangen worden. Uiteraard gelden rondom al deze volières de strengste eisen als het gaat om hygiëne, desinfectie en de beveiliging 

   

Literatuurlijst;

Oranjebuik parkieten herstelplan - Peter Brown.

Healesville conservation area – Huib Ottow.

Birdlife International.

WWF.

Wingspan magazine.

EMU – Austral ornithology magazine.

Australian Parrots – J.M. Forshaw.

Neophema’s en hun kleurmutaties – Herman Zomer.

Prijzenregen NSG leden op VOGEL 2016

Veel prijzen zijn er gevallen onder de leden van de Neophema Studie Groep. Het lijken er ieder jaar steeds meer te worden en daar zijn we als club erg trots op. Daarom ook langs deze weg alle leden die in de prijzen gevallen zijn van harte gefeliciteerd met deze top prestatie.

Neophema dag Overijssel

Beste allemaal,

Dit jaar hebben wij als Gespreksgroep NSG Overijssel '' Drs Oranje uit Zelhem uitgenodigd om een interessante en leerzame presentatie te komen verzorgen. Wij als NSG gespreksgroep vonden het een leuk idee om dit jaar eens een open hobbymiddag te gaan organiseren waar vele vogelliefhebbers iets aan hebben.

Promotie van de hobby

Afgelopen weekend 12 en 13 December hebben de twee studie groepen, Catharinaparkieten Studie Groep en de Neophema Studie Groep die binnen de parkieten speciaal club werken de hobby gepromoot op de show van de Parkieten sociëteit Twente.

Deze mooie ruim opgezette show was zeker de moeite waard om te bezoeken. Heren en dame van het bestuur van PS Twente hartelijk dank voor de uitnodiging en de prettige samenwerking.